Een inspirerend cadeautje voor mezelf gekocht: een doos met 58 bolletje garen van 10 gram ieder. De samenstelling is 78% katoen x 22% Acryl, waardoor het lekker zacht aanvoelt,
In de doos zitten 36 bolletjes van Scheepjes Stone Washed en 22 bolletjes Scheepjes River Washed:
Wat gaat het worden? Wat ga ik ermee maken? Ik denk dat HIER wel wat te vinden is, of anders HIER ...
Je kunt met het garen natuurlijk ook breien. Patronen vindt je HIER en HIER.
Bij Crochet 365 Knit Too vond ik dit leuke patroon voor een deken, de Fields en Furrows:
Het wordt in rijen van verschillende niet al te moeilijke steken gehaakt. Het leuke zit in de combinatie van steken en kleuren:
Nodig:
Ongeveer 1800 m garen (5 à 6 ‘cakes’)
Haaknaald: 5 mm
Speciale steken:
DSK: Dubbel Stokje Kruis Steek: sla de volgende steek over, haak een stokje in de volgende steek en haak een stokje in de overgeslagen steek.
Bobbelsteek: * haal 2 lussen uit de volgende steek (omslag, insteken in de volgende steek, omslag en draad halen door die steek). Omslag en haal de draad door de 3 lussen op de haaknaald. Herhaal vanaf * nog 3 keer in dezelfde steek. Er zijn nu 5 lussen op de haaknaald. Omslag en haal de draad door de 5 lussen op de haaknaald.
Opmerkingen:
De 2 lossen aan het begin van een rij met halfstokjes tellen NIET als een steek.
De 3 lossen aan het beging van een DSK rij telt WEL als een steek.
Het is handig om in iedere rij de bobbels en DSK steken te stellen, zodat je weet dat je geen steek hebt overgeslagen. Hierdoor kan de deken ‘scheef’ worden.
Afmeting:
Ongeveer 130 x 165 cm.
Patroon:
Begin met 150 lossen.
RIJ 1: half stokje in 3e losse, half stokje in alle steken (= 148 st).
RIJ 2: 3 lossen (telt als een stokje), DSK over de hele rij , stokje in de laatste steek (= 73 DSK & 2 stokjes = 148 steken).
RIJ 3-4: 2 lossen, half stokje in dezelfde steek, half stokje over de hele rij (= 148 steken).
RIJ 5: 3 lossen (telt als een stokje), *sla de volgende steek over, Bobbelsteek in de volgende steek. Herhaal vanaf * over de hele rij. Eindig met een stokje in de laatste steek (= 73 Bobbelsteken & 2 stokjes).
RIJ 6: 2 lossen, half stokje in dezelfde steek, half stokje over de hele rij in elke Bobbelsteek en in de ruimte tussen de Bobbelsteken (= 148 steken)
RIJ 7: 2 lossen, half stokje in dezelfde steek, half stokje over de hele rij (= 148 steken)
Herhaal de rijen 2 tot 7 voor ieder patroon totdat de gewenste lengte bereikt is (dit kan ongeveer 20 herhalingen zijn).
De laatste 2 rijen moeten een DSK of een Bobbelsteek rij zijn, gevolgd door een rij met halve stokjes.
Werk alle draadjes weg.
RAND:
RIJ 1: Bevestig een niet verlopende kleur met een halve vaste, 1 losse en haak vasten in elke steek. Haak 3 vasten in elke hoek. Bevestig aan het eind met een halve vaste.
RIJ 2: 1 losse en haak vasten in elke steek. Haak 3 vasten in elke hoek.
Gewoon weer een Granny-deken, maar de kleurcombinatie vind ik leuk:
Patroon:
begin in de 6e losse vanaf de haaknaald en haak 3 stokjes in die 6e losse, sla 2 losse over en haak 3 stokjes in de volgende losse. Eindig met 1 stokje in de laatste losse.
Wissen nu eventueel van kleur. Onderstaand filmpje van Lossen & Vasten laat zien hoe je makkelijk van kleur wisselt:
bij 16:15 op het 1e onderstaand filmpje (part 1), zie je een andere manier van kleurwisselen, namelijk het inelkaar weven van de draadjes.
zet zoveel losse op als je het breed wilt hebben, dus niet tellen. Wat je aan het eind over hebt maak je los
begin met een nieuwe kleur aan het begin van een rij
waar je mee begint in een rij, daar eindig je ook mee, bijvoorbeeld beginnen met 3 stokjes dan eindig je ook met 3 stokjes en begin je met 3 lossen dan eindig je ook met 3 lossen:
bij 16:15 op bovenstaand filmpje, zie je een andere manier van kleurwisselen,
Bij Beatrice Ryan Designs vond ik deze prachtige Regenboog Vierkant. Heel mooi om met deze blokken een deken te maken:
Het vierkant heeft 2 mooie kanten en daardoor niet een echte "achterkant":
Gebruikte steken:
Fpdc – front post double crochet = reliëfstokje voorlangs (omslag op de haaknaald, steek de haaknaald van voor naar achter om het bedoelde stokje (van de vorige toer), omslag, haal een lus, [omslag, haal draad door de 2 lussen op de haaknaald] 2 maal.)
Let op bij het gebruik van fpdc en stokje, dat je geen steek mist; dit kan laastig zijn zolang je dit nog niet helemaal onder de knie hebt.
Rij 1: 1 losse, 8 vasten in het midden van de ring. Bevestig met een halvevaste en trek de ring aan. = 8 vasten
Rij 2: 3 lossen (telt als een stokje vanaf hier), stokje in dezelfde steek, stokje in de volgende steek, 1 losse, *2 stokje in de volgende steek, stokje in de volgende steek, 1 losse*. Herhaal * * nog 2 maal. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 12 stokjes, 4 x 1 losse
Vanaf hier in elke nieuw rij met een andere kleur beginnen
Rij 3: begin met een nieuwe kleur in een willekeurig stokje voorafgaand aan 1 losse van de voorgaande rij. 1 losse, *fpdc om een steek, 1 vaste bovenin dezelfde steek, fpdc om de volgende steek, 1 vaste in de volgende steek, fpdc around dezelfde steek als de vaste, 1 losse*, herhaal * * nog 3 maal. Bevestig met een halvevaste bovenin de fpdc. = 12 fpdc, 8 vasten en 4 lossen
Rij 4: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse, * 2 fpdc om dezelfde steek, 1 vaste in de volgende steek, 2 fpdc om de volgende steek, 1 vaste in de volgende steek, 2 fpdc om de volgende steek, 1 losse*, herhaal nog 3 maal. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 24 fpdc, 8 vasten en 4 1-losse-ruimtes.
Rij 5: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse, *fpdc om de volgende 2 steken, 2 1 vaste in de volgende steek, fpdc rond de volgende 2 steken, 2 1 vaste in de volgende steek, fpdc rond de volgende 2 steken, 1 losse *, herhaal * * nog 3 maal. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 24 fpdc, 16 sc en 4 1-losse-ruimtes.
Rij 6: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse, *2fpdc om een steek, fpdc om de volgende steek, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc om de volgende steek, 2 fpdc om de volgende steek, 1 losse*, herhaal * * nog 3 maal. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 32 fpdc, 16 vasten en 4 1-losse-ruimtes.
Rij 7: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse, * fpdc rond de eerste 2 steken, 2 fpdc om de volgende steek, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, 2 fpdc om de volgende steek, fpdc rond de volgende 2 steken, 1 losse*, herhaal nog 3 maal. =40 fpdc, 16 vasten en 4 1-losse-ruimtes.
Rij 8: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse *fpdc rond de eerste 2 steken, vaste in dezelfde steek als de laatste fpdc, fpstokje in de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpstokje in de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpstokje in de volgende 2 steken, vaste in dezelfde steek als de laatste fpdc, fpdc rond de volgende 2 steken, 1 losse*, herhaal * * nog 3 maal. = 40 fpdc, 24 vasten en 4 1-losse-ruimtes.
Rij 9: begin met een nieuwe kleur bovenin een willekeurige fpdc voorafgaand aan een 1- losse-ruimte van de vorige rij. 1 losse *fpdc rond de eerste 2 steken, 2 vasten in de volgende steek, fpstokje in de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, 2 vasten in de volgende steek, fpdc rond de volgende 2 steken, 1 losse * herhaal * * nog 3 maal. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 40 fpdc, 32 sc, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 10: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 1 losse *1 vaste in dezelfde steek, fpdc rond de eerste 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de volgende 2 steken, fpdc rond de volgende 2 steken, vaste in de 1-losse-ruimte, 1 losse. Bevestig met een halvevaste aan het begin. = 40 fpdc, 40 vasten, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 11: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 3 lossen (telt vanaf hier als een stokje),* stokje in de volgende 20 steken, (stokje, 1 losse, 1 stokje) in 1-losse-ruimtes*, herhaal ** nog 2 maal, stokje in laatste 20 steken, stokje in laatste 1-losse-ruimte, 1 losse, bevestig met een halvevaste bovenin de 3 lossen. = 88 stokjes, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 12: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 3 lossen (telt vanaf hier als een stokje),* stokje in de volgende 22 steken, (stokje, 1 losse, 1 stokje) in 1-losse-ruimte*, herhaal ** nog 2 maal, stokje in laatste 22 steken, stokje in laatste 1-losse-ruimte, 1 losse, bevestig met een halvevaste bovenin de 3 lossen. = 96 stokjes, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 13: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 3 lossen (telt vanaf hier als een stokje),* stokje in de volgende 24 steken, (stokje, 1 losse, 1 stokje) in 1-losse-ruimte*, herhaal ** nog 2 maal, stokje in laatste 24 steken, stokje in laatste 1-l.osse-ruimte, 1 losse, bevestig met een halvevaste bovenin de 3 lossen. = 104 stokjes, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 14: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 3 lossen (telt vanaf hier als een stokje),* stokje in de volgende 26 steken, (stokje, 1 losse, 1 stokje) in 1-losse-ruimte*, herhaal ** nog 2 maal, stokje in laatste 26 steken, stokje in laatste 1-losse-ruimte, 1 losse, bevestig met een halvevaste bovenin de 3 lossen. = 112 stokjes, 4 1-losse-ruimtes.
Rij 15: begin met een nieuwe kleur in een willekeurige 1-losse-ruimte, 3 lossen (telt vanaf hier als een stokje),* stokje in de volgende 28 steken, (stokje, 1 losse, 1 stokje) in 1-losse-ruimte*, herhaal ** nog 2 maal, stokje in laatste 28 steken, stokje in laatste 1-losse-ruimtes, 1 losse, bevestig met een halvevaste bovenin de 3 lossen. = 120 stokjes, 4 1-losse-ruimtes.
Haak nu zoveel vierkanten als je nodig hebt voor een deken
Ronde 1: Magische lus. 2 lossen, 12 stokjes in de Magische lus. Trek de draad stevig aan, Bevestig met een halvevaste aan het 1e stokje. (12 stokjes)
Ronde 2: 1 losse, Vaste in de eerste steek, 2 lossen, *vaste in de volgende steek, 2 lossen. Herhaal vanaf *. Bevestig met een halvevaste aan de eerste vaste (12 vasten))
Ronde 3: Halvevaste in de volgende losse-ruimte. 1 losse, 1 vaste, 3 lossen, *1 vaste in de volgende lossen-ruimte, 3 lossen. Herhaal vanaf *. Bevestig met een halvevaste aan de eerste vaste. (12 vasten)
Ronde 4: Halvevaste in de volgende losse-ruimte. 1 losse, 1 vaste, 3 lossen, * 1 vaste in de volgende lossen-ruimte, 3 lossen. Herhaal vanaf *. Bevestig met een halvevaste aan de eerste vaste. (12 vasten)
Ronde 5: Halvevaste in de volgende losse-ruimte. 1 losse, 1 vaste, 4 lossen, * 1 vaste in de volgende lossen-ruimte, 4 lossen. Herhaal vanaf *. Bevestig met een halvevaste aan de eerste vaste. (12 vasten)
Ronde 6: Halvevaste in de losse-ruimte. 1 losse, *6 halve stokjes in dezelfde losse-ruimte. 6 halve stokjes in de volgende losse-ruimte. 3 stokjes, 2 lossen, 3 stokjes in alle volgende lossen-ruimtes. Herhaal vanaf *. Bevestig met een halvevaste aan het eerste halve stokje.
Een prachtig vierkant is de English Garden Vierkant, gevonden bij Pattern Paradise:
Gebruikte steken: FP-steek: 2 omslagen, sla de volgende 2 steken over, dubbelstokjes om de volgende steek (FrontPost) vaste in de 2e overgeslagen steek, dubbelstokje om de 1e overgeslagen steek (FrontPost).
Opmerking: de steken achter de dubbelstokjes worden niet gebruikt. Bobbel: dubbelstokje + vaste in dezelfde steek
Patroon van het vierkant: Ronde 1: Met kleur 1, 4 lossen, sluit met een halvevaste in de eerste losse om een lus te maken, 6 lossen (telt als een stokje + 3 lossen), [3 stokjes, 3 lossen] 3 keer, 2 stokjes, in het midden van de lus. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde. in de 3e lossen van het begin van de 6 lossen. (12 stokjes + vier hoek 3-lossen-ruimtes)
Ronde 2: 1 losse * [vaste, halfstokje, stokje, dubbel stokje, 3 lossen, dubbel stokje, stokje, halfstokje, vaste] in hoek ruimte, sla volgende steek over, vaste in de volgende steek, sla volgende steek over, *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (36 steken + 4 hoek ruimtes)
Ronde 3: Met kleur 2 in een willekeurige hoek ruimte, 1 losse * [halfstokje, stokje, 2 lossen, stokje, halfstokje] in hoek ruimte, vaste in de volgende 2 steken, 1 losse sla 2 over, stokje in de volgende vaste, 1 losse sla 2 over, vaste in de volgende 2 steken] *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (36 steken + 4 hoek ruimtes)
Ronde 4: Met kleur 3 een willekeurig stokje in de rand (geen hoek) van het vierkant, 7 lossen (telt als een dubbelstokje + 3 lossen), dubbelstokje in dezelfde steek, *sla het volgende stokje over, [stokje, 2 lossen, stokje] in volgende vaste, sla 2 over, vaste in de hoek, sla 2 over, [stokje, 2 lossen, stokje] in de volgende steek, sla 1 over, [dubbelstokje, 3 lossen, dubbelstokje] in volgend stokje *. Herhaal van * tot * 2 keer; sla het volgende stokje over, [stokje, 2 lossen, stokje] in volgende vaste, sla 2 over, vaste in de hoek, sla 2 over, [stokje, 2 lossen, stokje] in de volgende steek, sla 1 over. Bevestig met een halvevaste in de 4e steek van de begin 7-lossen.
Opmerking: De hoeken worden nu het dubbelstokje, losse, dubbelstokje. (28 steken + 4 hoeken)
Ronde 5: Met halve vasten naar de hoek, [4 lossen (telt als dubbelstokje), 2 dubbelstokje, 3 lossen, 3 dubbelstokjes], in de hoek, * [stokje, 1 losse, stokje] in de volgende 2-lossen-ruimte, [halfstokje, 1 losse halfstokje] in volgende vaste, [stokje, 1 losse, stokje] in de volgende 2-lossen-ruimte, [3 dubbelstokjes, 3 lossen, 3 dubbelstokjes] in de hoek *. Herhaal van * tot * 2 keer; [stokje, 1 losse, stokje] in de volgende 2-lossen-ruimte, [halfstokje, 1 losse halfstokje] in volgende vaste, [stokje, 1 losse, stokje] in de volgende 2-lossen-ruimte. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (48 steken + 12 1-losse-ruimte + 4 hoeken)
Ronde 6: Met kleur 2 in een willekeurige hoek ruimte, 1 losse * [2 vasten, 3 lossen, 2 vasten] in de hoek, vaste in elke steek en 1 losse naar de volgende hoek *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (76 vasten + 4 hoeken)
Ronde 7: Keer het werk naar/van verkeerde kant van het vierkant, Met kleur 4 in een willekeurige hoek ruimte, 1 losse * [vaste, Bobbel] in de hoek, [Bobbel in de volgende steek, sla 1 over] 10 keer *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde. Ga met halvevasten naar het dubbelstokje in de hoek. (40 Bobbels + 4 hoek Bobbels)
Ronde 8: Keer het werk naar/van verkeerde kant van het vierkant, 1 losse *[vaste, 3 lossen, vaste in het hoek dubbelstokje], vaste in elke steek tot de volgende hoek *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde. Afhechten. (96 vasten + 4 hoeken)
Ronde 9: Met kleur 2 in een willekeurige hoek, [3 lossen (telt als een stokje), stokje, 3 lossen, 2 stokjes] in de hoek, * stokje in elke steek tot de volgende hoek, [2 stokjes, 3 lossen, 2 stokjes] in de hoek *. Herhaal van * tot * 2 keer, stokje in elke steek tot het einde. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde. Afhechten. (112 stokjes + 4 hoeken)
Ronde 10: Keer het werk naar/van verkeerde kant van het vierkant, Met kleur 1 in een willekeurige hoek ruimte, 1 losse *[vaste, Bobbel] in de hoek, sla 1 over, [Bobbel in de volgende steek, sla 1 over] 14 keer *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (56 Bobbels + 4 hoek Bobbels)
Ronde 11: Keer het werk naar/van verkeerde kant van het vierkant, Met kleur 2 in een willekeurige hoek, [6 lossen (telt als een stokje + 3 lossen), stokje] in de hoek, * stokje in elke steek tot de volgende hoek, [stokje, 3 lossen, stokje] in de hoek *. Herhaal van * tot * 2 keer, stokje in elke steek tot het einde. Bevestig met een halvevaste in de 3e losse van de begin 6-lossen.
Afhechten. (128 stokjes + 4 hoeken)
Ronde 12: Met kleur 3 in een willekeurige hoek ruimte, 1 losse * [2 vasten, 3 lossen, 2 vasten] in de hoek, vaste in de volgende 2 steken [FP-steek, vaste in de volgende 2 steken] 6 keer *. Herhaal van * tot * 3 keer. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (144 steken + 4 hoeken)
Ronde 13: Met kleur 2 in een willekeurige hoek, [2 lossen (telt als een halfstokje), halfstokje, 3 lossen, 2 halfstokjes] in de hoek, * halfstokje in elke steek tot de volgende hoek, [2 halfstokjes, 3 lossen, 2 halfstokjes] in de hoek *. Herhaal van * tot * 2 keer, halfstokje in elke steek tot het einde. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (160 halfstokjes + 4 hoeken)
Ronde 14: Met kleur 4 in een willekeurige hoek, 1 losse [3 vasten in de hoek, vaste in elke steek tot de volgende hoek]. Herhaal tot het einde. Bevestig met een halvevaste in de eerste steek van de ronde.
Afhechten. (172 vasten)
Een leuke Granny tas gehaakt van restjes garen met haaknaald 3,5.
Gebruik een dunnere haaknaald dan voor het garen nodig is: zo ontstaan er geen grote gaten en hoef je de tas niet te voeren.
In onderstaand filmpje van Vonnes Creaties staan duidelijke tips over het wegwerken en aanhechten van draadjes (rond 15 minuten).
Dit vind ik nog steeds een van de mooiste patronen voor een omslagdoek, 'de Virus sjaal of omslagdoek', zo genoemd omdat als je het eenmaal te pakken hebt het een verslavend werkje is:
Het is een inspirerend werkje, waar je ook mooi restjes in kunt verwerken, de verschillende kleurtjes geven een apart effect, net als bij gemêleerd garen:
De sjaal kan natuurlijk ook in één kleur gehaakt worden, het patroon zorgt dan voor het effect:
Het patroon is eigenlijk heel makkelijk, en ondanks de lange beschrijving heb je het zo onder de knie en zit je in het ritme van de sjaal; heb je het 'virus' te pakken ...
Er is ook een variatie op de Virus Sjaal en dat is de Virus Cape. Daar waar deze sjaal een halve cirkel is (180 graden), is de cape driekwart cirkel. Kortom hetzelfde steekpatroon alleen 270 graden.
Het patroon van de Virus Sjaal is heel goed te volgen in onderstaand (Nederlandstalig) filmpje van Vonnes Creaties, die - zoals altijd - zeer duidelijk is:
Het patroon van de Virus Sjaal
De afbeeldingen onder aan iedere rij, is zoals het werk eruit moet zien na die rij
Opzetten 10 lossen en sluit deze met een halve halvevaste tot een ring.
1e rij: 3 lossen (= 1e stokje), draai het werk en nog 9 stokjes in de ring haken (= met de 3 opzetlossen 10 stokjes):
2e rij: 3 lossen (= 1e stokje), draai het werk en in ieder stokje 2 stokjes haken, dus ook in de bovenste losse van die van de vorige toer (= 20 stokjes totaal):
3e rij: 4 lossen (= 1e stokje), draai het werk en in ieder stokje "1 stokje, 1 losse" haken (= 20 stokjes):
4e rij = Bogen-rij: 3 lossen (= 1e stokje) plus 7 lossen voor de grote boog (= 10 lossen totaal), draai het werk en zet de lossen-boog vast in de 2e opening met een halvevaste.
*Haak een kleine boog van 4 lossen en zet die vast in 2e opening met een halvevaste (dus steeds 1 opening overslaan)*.
Herhaal van * tot * nog 3 x.
We gaan nu 2 grote (hoek) bogen maken: haak 7 lossen, 1 halvevaste in de volgende opening en haak dan voor de volgende (hoek) boog nog een keer 7 lossen, 1 halvevaste in de volgende opening. Je hebt nu 2 grote bogen.
Haak hierna nog 3 kleine bogen van ieder 4 lossen die je vastzet in 2e opening met een halvevaste.
Tot slot van deze rij nog 1 grote boog haken van 7 lossen en 1 stokje op de 3e lossen van de vorige toer:
5e rij = Waaierboog: 3 lossen (= 1e stokje) en nog 9 stokjes haken (= met de 3 opzetlossen 10 stokjes). Zet deze waaier vast met 1 halvevaste in de kleine boog van de vorige toer.
Haak nog 2 kleine bogen van ieder 4 lossen die je vastzet met 1 halvevaste in de volgende boog.
Aansluitend 10 stokjes haken in beide grote (hoek) bogen (= 20 stokjes, zonder losse ertussen) en zet deze waaier vast met 1 halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer.
Haak nog 2 kleine bogen van ieder 4 lossen die je vastzet met 1 halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer.
Haak tot slot weer 10 stokjes in de laatste grote boog:
6e rij: 3 lossen (= 1e stokje), draai het werk en haak nu op ieder stokje een stokje (= 10 stokjes), en zet deze waaier vast met 1 halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer.
Haak 1 kleine boog van 4 lossen en zet die vast met een halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer.
Aansluitend (dus zonder losse) 20 stokjes haken in de 2 grote (hoek) bogen en zet deze waaier vast met 1 halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer.
Haak 1 kleine boog van 4 lossen en zet die vast met een halvevaste in de volgende kleine boog van de vorige toer en haak tot slot 10 stokjes op de stokjes van de laatste grote boog:
7e rij: 4 lossen (= 1e stokje), draai het werk en in ieder stokje "1 stokje, 1 losse" haken (de lossenboog overslaan, dus géén stokje daar; gewoon een stokje (zonder losse) op het volgende stokje van de volgende waaier):
8e rij: Het patroon is steeds 1 grote boog, 3 kleine bogen: Haak 3 lossen (= 1e stokje) plus 7 lossen voor de boog (= 10 lossen totaal), draai het werk en zet de lossen-boog vast in de 2e opening met een halvevaste.
*Haak een kleine boog van 4 lossen en zet die vast in 2e opening met een halvevaste (dus steeds 1 opening overslaan)*. Herhaal van * tot * nog 3 x.
We gaan nu weer een grote boog maken: haak 7 lossen, 1 halvevaste in de volgende opening (hier wordt bedoeld de ruimte tussen de twee stokjes van de vorige toer, die aansluitend gehaakt zijn, het is de eerstvolgende boog van de stokjes van de vorige ronde, een tussenruimte die overbrugd moet worden, dus we slaan de ruimte ervoor én de ruimte erna over en steken even een stukje verder in waar de volgende ruimte tussen twee stokjes is).
Na deze grote boog gaan we weer 3 kleine bogen haken van ieder 4 lossen die je vast zet in 2e opening met een halvevaste.
Nu zijn we in het midden van de grote (hoek) waaierboog van de vorige rij. In het midden komen altijd 2 bogen van 7 lossen met een halvevaste in het midden:
Haak 7 lossen en 1 halvevaste in de volgende opening (1 opening overslaan) en haak aansluitend weer 7 lossen voor de 2e grote (hoek) boog.
Na deze 2 grote (hoek) bogen gaan we weer 3 kleine bogen haken van ieder 4 lossen die je vast zet in 2e opening met een halvevaste (dus steeds 1 opening overslaan).
We eindigen deze rij met nog 1 grote boog van 7 lossen en sluiten die boog met 1 stokje op de 3e losse van de vorige toer:
Vanaf hier is het een constante herhaling van rij 5 t/m 8
Voor de duidelijkheid hier nog de afbeeldingen na het einde van de volgende toeren:
Na de 9e rij:
Na de 10e rij:
Na de 11e rij:
Na de 12e rij:
Na de 13e rij:
Na de 14e rij:
Na de 15e rij:
Als je hier gekomen bent, moet het virus je al te pakken hebben 😉
Op internet vond ik onderstaande tel-patroon:
Hier nog een duidelijk uitleg van de Virus Sjaal door Made by Siem:
Klik HIER voor veel afbeeldingen van de virus omslagdoek.